Vlag-protocol als vastgesteld door de minister van Algemene Zaken te Den Haag, bericht nr 298801, d.d. 22-12-1980

De Nederlandse vlag is het symbool van de eenheid en onafhankelijkheid van het Koninkrijk der Nederlanden. De vlag behoort overal waar zij op Nederlands grondgebied wordt ontplooid de ereplaats te hebben.

De kleuren van de Nederlandse vlag zijn: helder vermiljoen, helder wit en kobaltblauw. Over de afmetingen van de vlag zijn geen voorschriften. In het algemeen dient de lengte zich te verhouden tot de breedte als 3:2.

Op de Nederlandse vlag behoort geen enkele versiering of andere toevoeging te worden aangebracht. Ook het gebruik van een vlag louter voor versiering behoort te worden nagelaten. Wel mag vlaggedoek voor versiering - bijvoorbeeld in de vorm van draperieen - worden gebruikt.

De vlag dient te worden gehesen aan een stok waarvan de lengte zodanig is dat de vlag nimmer de grond raakt of het verkeer kan hinderen. Elke gehesen vlag moet bij zonsondergang worden neer- gehaald. Uitzondering hierop is mogelijk als de vlag zodanig verlicht wordt dat de kleuren duidelijk te zien zijn.
Voor het halfstok hijsen van de vlag wordt de vlag eerst vol gehesen, daarna wordt zij langzaam en statig neergehaald. Bij het neerhalen van een halfstok gehesen vlag wordt deze eerst langzaam en statig vol gehesen en vervolgens op dezelfde wijze neergehaald.
Bij het hijsen van meer vlaggen behoren deze van gelijke afmetingen te zijn en zo mogelijk op gelijke hoogte te worden gehesen. Bij het ontplooien van twee vlaggen is de ereplaats rechts, gerekend met de rug naar de vlaggen. Bij drie vlaggen behoort de Nederlandse vlag in het midden.
Indien naast de Nederlandse vlag vlaggen van andere naties worden gehesen, is voor de onderlinge rangorde in het algemeen de eerste letter van de namen van de betrokken landen in de Franse taal bepalend.

Ten aanzien van het uitsteken van de Nederlandse vlag wordt onderscheid gemaakt tussen 'uitgebreid vlaggen' en 'beperkt vlaggen'. Bij 'uitgebreid vlaggen', zoals het geval op Koninginnedag, wordt de vlag uitgestoken van alle rijksgebouwen, bij 'beperkt vlaggen' behoeft de vlag alleen te worden uitgestoken van de hoofdgebouwen van de departementen, benevens van de hoofdgebouwen van de niet (rechtstreeks) onder de departementen vallende instellingen, zoals die van de Kamers der Staten-Generaal, de Raad van State, de Algemene Rekenkamer, het Kabinet der Koningin en de Hoge Raad.
Dan de vaste data voor het vlaggen, uitgebreid (UV) en beperkt (BV). Indien een datum op een zondag of op een algemeen erkende christelijke feestdag valt, dient op de tussen haakjes vermelde datum te worden gevlagd:

31-01 (01-02)

Verjaardag van de Koningin

BV

27-04 (28-04)

Verjaardag van de Prins van Oranje

BV

30-04 (29-04)

Koninginnedag

UV

04-05

Dodenherdenking, halfstok vlaggen van 18.00 uur tot zonsondergang. Alleen daar waar herdenkingen worden gehouden, vlag in top na de twee minuten stilte en het Wilhelmus.

 

05-05

Nationale bevrijdingsdag

UV

17-05 (18-05) Verjaardag van Prinses Maxima BV

06-09 (07-09)

Verjaardag van de Prins der Nederlanden

BV

3e di. v. sept.

Opening van de Staten-Generaal (alleen in 's-Gravenhage)

UV

15-12 (16-12)

Koninkrijksdag

BV

De vlag wordt alleen op Koninginnedag en op de hierboven vermelde verjaardagen van leden van de Koninklijke familie gehesen met oranje wimpel; bij alle andere gelegenheden zonder. Bij bijzondere gebeurtenissen in de Koninklijke familie (geboorte, huwelijk, overlijden) zal er telkens een speciale regeling komen. Tijdens officiele bezoeken van vreemde staatshoofden wordt alleen gevlagd in de plaatsen die worden bezocht.

 N.B.
Sinds medio 1999 is 15 augustus, zijnde de dag van de capitulatie van Japan in Indië, tevens aangewezen als dag voor uitgebreid vlaggen.